Caroline Bijnens werkt als verpleegkundige op onze spoedgevallendienst.
Ondanks alle goede voorzorgsmaatregelen tegen COVID geraakte ook zij besmet…
Lees hier haar verhaal.
Ik ben Caroline, verpleegkundige op de dienst spoedgevallen.
Ondanks de goede voorzorgmaatregelen tegen corona ben ik toch besmet geraakt… Op 26 maart kwam ik op het werk en voelde me onwel, koortsig en ik had pijn bij het inademen. Mijn hoofdverpleegkundige zette me direct in afzondering en mijn parameters, een bloedgas, een bloedafname, een corona- en griepwisser en een CT van mijn longen werden genomen. Ik werd onmiddellijk behandeld als mogelijk besmet COVID-patiënt: mijn collega’s moesten zich dus steeds volledig aankleden met beschermingskledij om mij te onderzoeken.
Terwijl ik de resultaten afwachtte, maakte ik me weinig zorgen. Ik ben immers nog jong en gezond. De spoedarts vermoedde toch op basis van de CT-beelden een mogelijke besmetting en ik werd naar huis gestuurd met een mondmasker en duidelijke richtlijnen.
‘s Avonds kreeg ik telefoon van het diensthoofd spoedgevallen met de bevestiging dat ik COVID-positief was. Dat was toch even slikken... De spoedarts raadde me aan om in quarantaine te gaan. Dit was niet zo evident, omdat ik nog bij mijn ouders woon. We besloten thuis om van de zolder mijn ‘territorium’ te maken: ik had er een slaapzetel, een TV, internet,…
De eerste week
Ik werd die eerste week echt heel ziek: ik had hoge koorts, overal spierpijn, hoestte veel, neusloop, hoofpijn, ik voelde me misselijk, was kortademig en had pijn bij iedere ademhaling. Ik sliep bijna 24 op 24, 7 op 7. Ik werd enkel wakker om wat te eten: dit werd door mijn ouders naar de zolder gebracht.
De eerste nachten waren verschrikkelijk. Ik moest rechtop zitten in mijn bed van de pijn en kreeg geen lucht. Al na de eerste nacht nam ik contact op met spoed: de spoedarts gaf tips en raad. Overdag sliep ik goed door de medicatie, maar ‘s avonds werd de pijn steeds erger.
Een gebrek aan sociaal contact die eerste week was niet zo erg: ik sliep immers heel veel. Ik voelde me wél schuldig omdat ik mijn collega’s van spoed niet kon bijstaan is deze drukke tijden. Ik kreeg wél massa's berichten van collega’s, vrienden en familie. Ik wil zeker dr. Idalia Van Hul, Christian Gilot en al mijn collega’s van spoed bedanken voor de lieve berichtjes en steun die ik gekregen heb. Ik mocht steeds bellen naar spoed als ik mij niet goed voelde of om raad te vragen.
De tweede week
De tweede week voelde ik me al een stuk beter, maar ik kon nog steeds moeilijk de trap op en af zonder even uit te rusten tussendoor. De zware hoofdpijn en stekende pijn bij het in- en uitademen bleven. Ik sliep nog veel en keek als ik wakker was TV om de tijd te doden.
Ik begon me in week 2 ook eenzaam te voelen. Mijn ouders werkten wel van thuis uit, maar zij mochten enkel op de zolder komen om eten of medicatie te brengen. De berichtjes van mijn collega’s over het reilen en zeilen op de afdeling brachten wel wat afleiding.
De ergste symptomen gingen voorbij en ik hoopte dat ik het weekend van 11 april opnieuw kon gaan werken. Ik probeerde thuis buiten wat te helpen in de tuin, maar merkte al snel dat mijn lichaam dit nog niet aankon: ik was onmiddellijk buiten adem, ik kreeg pijnscheuten in mijn longen en maakte af en toe nog koorts. Werken ging dus nog niet en ik bleef op de zolder leven, om mijn ouders niet te besmetten.
En toen kwam week 3…
De meeste symptomen waren verdwenen, behalve de steken in mijn longen. Ik werd nog steeds wakker van de pijn in mijn longen, maar de pijn was niet meer zo erg als in het begin. Donderdag de 16 april mocht ik eindelijk terug gaan werken: hier keek is zo naar uit! Eindelijk kon ik mijn collega’s terugzien die me zo gesteund hadden!
Donderdag 16 april had ik de vroege shift op het werk. Tijdens de eerste uren op het werk verliep alles vlot, het was ook nog niet geweldig druk. Maar toen de eerste patiënten binnenkwamen voelde ik al snel dat ik buiten adem was en ik kreeg nog steeds zware steken linksboven in mijn long. De spoedarts schreef me opnieuw 4 dagen thuis…
Opnieuw rusten dus, maar ik probeerde ook om wat in beweging te komen. Mijn conditie is door de besmetting enorm achteruitgegaan. Ik probeer deze rustig opnieuw op peil te krijgen. 3 km met de fiets is echter nog heel vermoeiend!
Ik sta nog steeds iedere dag op met pijn in mijn longen en neem nog steeds pijnstillende medicatie. Het genezingsproces loopt heel traag, maar stapje per stapje gaat het vooruit!